Onze persoonlijkheid wordt voor meer dan 90% gevormd door het onbewuste

Het (collectief) onbewuste

Je kunt het onbewuste vergelijken met het deel van een ijsberg dat onder water ligt. Het is een onzichtbaar, onbekend gebied dat steeds invloed heeft op hoe je je voelt en op wat je doet.

Begin vorige eeuw ontdekten Sigmund Freud en Carl Jung het onbewuste en de grote invloed ervan op ons leven. Het bijzondere van Jung is dat hij verband legde tussen de psyche van de individuele mens en de psyche van de hele mensheid: het collectief onbewuste. Dikwijls liggen de oorzaken van psychische aandoeningen in verdrongen impulsen uit de vroege jeugd. Maar soms is er geen enkele relatie met de persoonlijke historie. Bepaalde drijfveren, emoties en beelden van mensen hier en nu, blijken voor te komen in alle culturen en alle tijden. Jung vond verbanden tussen de psychische ontwikkeling van de huidige mens en de mythen, rituelen en symbolen van verschillende religies, natuurgodsdiensten en mysteriescholen. Deze ontdekking gaf Jung een andere kijk op zingeving, op psychische ontwikkeling en op het doel van psychotherapie.

Nieuw perspectief

Jung keek niet alleen naar de oorzaak van klachten, maar ook naar de bedoeling: waartoe komt deze crisis nu op het pad van de cliënt? De dingen die gebeuren hebben zin, al voelt dat meestal niet zo, omdat ze aanzetten tot zelfontwikkeling. Of je nu wel of niet gelooft in de voorzienigheid van ‘iets dat op je pad komt’, met het stellen van de waartoe-vraag klim je langzaam uit de put van pijnlijke ervaringen en krijg je perspectief op een nieuwe richting.